
Oma de Gans was een van de weinigen die ons nieuwe huis nog niet gezien had. Niet vreemd natuurlijk als je je bedenkt dat ze in december 88 jaar hoopt te worden en ze dus niet zomaar even langs wipt op de fiets of met de auto. Dat laatste hebben mijn opa en oma overigens nooit gehad, zelfs geen rijbewijs. Ik moet het altijd doen met verhalen van "Jae, vroegen ginge we saeme op 't brommertie naer Menheerse...". Zelf kun je je dat in deze tijd absoluut niet voorstellen natuurlijk, althans ik niet.
Mijn nichtje Sylvana en haar man André kwamen onlangs nog eens langs om te kijken naar de vorderingen van het klussen in ons nieuwe huis. Toen was er nog weinig ingericht en moesten dus nog eens een keer revanche nemen. Van de week had ik daar al contact over met haar en vandaag besloten we om oma De Gans er dan ook maar gelijk bij te betrekken.
Eerlijk gezegd wel een uitkomst, want ik vind het niet erg om mijn oma op te halen en het huis te laten zien, maar waar moet ik het met mijn omaatje van bijna 88 allemaal over hebben? Het weer? Daar valt niet zoveel over te vertellen de laatste dagen, want het regent alleen maar en Sylvana heeft precies dat zelfde idee. Zij gaat altijd met haar vader en moeder naar oma toe, want, zo zei ze zelf zo mooi "Mama kent al die mensen van Stad (aan't Haringvliet) nog, dus kunnen ze het hebben over de mensen die overleden of vreemd gegaan zijn". Tja, eerlijk is eerlijk, daar gaat het natuurlijk wel 9 van de 10 keer over! Dorps-roddels zijn dat...
Enfin, daar stond oma dan voor de deur, inclusief stok, want die kan ze niet meer missen. Na een
kijkje in de keuken en in de woonkamer genomen te hebben, liepen we nog even de
tuin in. "Jammer dat ut zunnetje nie schînt, dan hammen bûten kenne zitte" zei ze nog. Jammer van het weer inderdaad, dus aten we de door Janine zelf gemaakt brownies lekker
binnen op. Ondertussen praatten we over vanalles en nog wat en haakte oma af en toe in. Gijs, daarentegen, trok zich van al het geroezemoes
weinig aan en genoot van zijn
middagdutje.
Terwijl Janine aan André & Sylvana de rest van het huis liet zien, gaf ik oma hun
trouwalbum om in te kijken. Oma kon natuurlijk onmogelijk naar boven, dus dat hebben we dan ook maar niet geprobeerd en dus bladerden we
samen door het fotoalbum. "Ik was't allemael weer al vergete" gaf ze eerlijk toe "Mar ut was op 4 april, dat week nog" en ja daar moest ik haar dan ook gelijk in geven nadat ik het even nagezocht had, want zelf wist ik dat niet meer!
Nadat André & Sylvana weer beneden gekomen waren, was het tijd om op te stappen. Dat weet je wanneer oma de stok weer ter hand
neemt, dat is dan een stille hint van haar. Het was tijd ook, we zaten alweer 2,5 uur te kletsen en oma was eigenlijk ook een groot gedeelte van de tijd, bezig om de binnenkant van haar oogleden te bekijken.
Zoals afgesproken met Sylvana, bracht ik oma thuis en was ik zo slim om niet met de Honda te gaan. Daar had ze namelijk wel ín, maar nooit meer úit gekomen vrees ik.
Nadat ze ingesnoerd zat en iedereen vaarwel
zwaaide, reden we samen terug naar "Stadje Drôâg Brôâd" zoals Stad aan't Haringvliet in de volksmond wordt genoemd. We bepten
samen over koetjes en kalfjes en natuurlijk over het weer, waar we het overigens al meerdere keren over gehad hadden met oma die dag.
In haar appartementje aangekomen begon ze er opnieuw over "Goh, tis toch nie echt zeumer é", "Nee oma" antwoordde ik opnieuw, "het weer is niet best vandaag, laten we hopen dat het komende week beter wordt." Ach ja, mijn oma mag het zo vaak als ze wil over het weer hebben, want wat voor avonturen beleeft een mensje van 88 jaar nog?
Ik trok haar jas uit en hing 'm op de kapstok, graaide nog wat in de dropjes pot en hielp oma naar de kamer en in haar stoel. Daar gaf ik haar een kus en liet haar weer alleen en achter de geraniums achter.
"Dag oma! Tot de volgende keer!" Ze keek niet meer, maar ik zag nog een handje heel flauwtjes omhoog komen. Waarschijnlijk was ze alweer ingedut...