Posts tonen met het label slagwerkkrant. Alle posts tonen
Posts tonen met het label slagwerkkrant. Alle posts tonen

zaterdag 14 november 2009

De romantiek van 'het-zelf-bij-de-boekhandel-halen' schoof ik opzij

Toen ik vanmorgen op de deurmat keek, zag ik daar een dikke enveloppe liggen. "Ah!" Dacht ik, "m'n loon is al vroeg gestort deze maand!". Helaas bleek dat niet het geval, want het bleek een pakketje. "Had ik iets besteld dan?" vroeg ik vragen aan Janine. Zij wist het echter ook niet en vol verwachting opende ik de enveloppe.

Eventjes dacht ik nog dat het ongevraagde post was, maar toen ik de enveloppe opengescheurd had, wist ik dat het menens was.

Toch kon ik nog niet direct de twee rode, uitstekende punten thuisbrengen, maar toen ik eindelijk de inhoud uit de verpakking had geschoven, ging er een lampje branden.

Afgelopen week zat ik in mijn lijfblad, de 'Slagwerk Krant' te lezen, toen het me opviel dat ik een aantal euro's zou kunnen besparen en ook nog eens een mooi kado kon scoren. Een abonnement voor €30,- en een welkomstkado ter waarde van €42,- erbij. Dit terwijl het blad 6x per jaar uitkomt en iedere keer €5,90 kost. Dat betekend dus, dat wanneer ik een abonnement neem, ik in feite één uitgave per jaar voor niks krijg. Volgt u het nog?

Enfin, hoe het ook zij, de romantiek van 'het-zelf-bij-de-boekhandel-halen' schoof ik opzij en ik schreef me via het internet in voor een abonnement met dat leuke welkomstkado.
Huiverend bij de gedachte hoe het bij een vorig abonnement verlopen was, wachtte ik in spanning af...

Vandaag arriveerde dus mijn 'stokkentas' waarin ik onder andere mijn stokken makkelijk mee kan nemen als ik naar de oefenruimte ga. Ideaal, want normaal sjouw ik één of meer paar stokken, bladmuziek, oordoppen en wat drinken mee als we gaan rocken, maar nu kan ik het meeste kwijt in deze tas.
Bijkomend voordeel is dat de tas ook nog eens aan een van de toms opgehangen kan worden en ik daarmee in staat ben om razendsnel een reserve stok te pakken, als ik weer eens (en dat gebeurd me regelmatig!) een van mijn stokken uit mijn handen laat glippen!

Nu alleen nog even de rekening betalen, maar dat vind ik niet zo erg. Want een scherp geprijsd abonnement op mijn lijfblad én een schitterend welkomstkado, maken mijn weekend nu al tot een succes!

BTW: dit is ook nog eens mijn 500e blog! Dubbel feest dus!

woensdag 19 augustus 2009

Terry Bozzio in Paradiso Amsterdam

Voor het eerst sinds lange tijd was hij weer in Nederland en toen ik het las in de Slagwerkkrant moest ik dan ook wel snel een kaartje voor Janine en mij reserveren. Ik had al vaak van de beste man gehoord en wat bijzondere filmpjes over hem en zijn maarliefst 62-delige drumkit op YouTube gezien, maar nu ik de kans had, wilde ik 'm wel eens in het echt bezig zien.

Vanavond na het eten reden we dan ook naar Amsterdam en parkeerden de auto niet ver van het Leidseplein en Paradiso vandaan. Ik was daar overigens nog nooit geweest, maar gelukkig had ik van tevoren al op internet gezien hoe het gebouw eruit zag en zo hadden we het dan ook snel gevonden.

Binnengekomen in de zaal zag ik het bizar grote drumstel van Terry Bozzio al staan. Hoe kan het ook anders. Ook verbaasde ik me over de grootte van Paradiso, want ik was er nog nooit geweest, maar had me voorgesteld dat het op z'n minst vier keer groter zou zijn. Absoluut niet erg, want zo'n knus zaaltje heb ik liever als bijvoorbeeld een stadion.
Uiteraard kon ik het niet laten om Terry's drumkit van dichtbij te bekijken en ik vergaapte me dan ook aan de vele toms en cymbalen.

Even daarna besloten we naar boven te gaan en daar een mooi plekje op te zoeken, want van bovenaf hadden we prima zicht op het podium. Overigens liep ik eerst nog even wat verder om van dichtbij wat foto's te maken en probeerde ook even vanaf de achterkant zo goed mogelijk zicht te krijgen op dit bizarre instrument of eigenlijk instrumenten. Ik had zicht op ongelooflijk veel toms, cymbalen en ook pedalen en was dan ook benieuwd of hij het allemaal zou gebruiken.

Het publiek zat er inmiddels helemaal klaar voor en toen de lichten doofden en ik op mijn plaats zat kwam Terry op en maakte een buiging. Hij leek iets te willen gaan zeggen tegen zijn publiek maar bedankte de geluidsman die haastig nog even de microfoon bijstelde en nam direct plaats op zijn drum-troon.
Daar speelde hij de meest bijzondere drumpartijen die ik ooit gehoord heb. Wat een techniek en wat een bijzondere hoeveelheid aan klanken! Nu is het wel leuk om te weten dat alle toms net even wat hoger of lager gestemd zijn en dat hij dus hele melodieën op zijn drumkit kan maken. Hij maakt hier dan ook gretig gebruik van en zijn roffels zijn dan ook meer regel dan uitzondering.
Een bijzonder strak spel en hij gebruikte volgens mij inderdaad bijna elk onderdeel van zijn kit. Zelfs zijn xylofoon kwam aan bod en de schijnbaar verlegen Terry leek nèt voor de pauze pas wat tegen zijn publiek te durven zeggen. "Ik heb nu een deel gedaan en ik neem even 10 minuutjes pauze, als jullie dat dan ook doen ben ik daarna weer terug en speel ik nog meer"... en toen was het pauze...

Uiteraard stormde het publiek in de pauze op de drumkit af om hem wat beter te kunnen aanschouwen en ach, ik deed het dat ook, waarom niet, ik was er nu toch en wilde 'm ook wel eens van heel dichtbij bekijken!

Na de pauze liet Terry weer flink wat bijzonder stukken horen en liet hij ook zien wat een perfectionist hij is. Een aantal keren onderbrak hij zijn spel want de klank van sommige toms was niet goed meer. Dan dook hij pardoes onder zijn drumkit en her-stemde de tom even snel.
Wat een bijzonder perfectionistische muzikant. Hij schijnt zelfs tot een half uur voordat de deuren open gaan zijn drumkit nog te stemmen, zodat hij zo min mogelijk verlies van klank heeft als hij begint te spelen.

Het zal allemaal wel dacht ik, want volgens mij hoorde niemand het verschil, maar de meester hoef je natuurlijk niet tegen te spreken! Gelukkig duurde het niet lang en speelde hij daarna de sterren weer van de hemel. Het publiek luisterde en keek het hele optreden ademloos hoe deze virtuoos als een dolle op de bühne tekeer ging.

Zelf had ik het wat ruiger verwacht, maar het was vooral heel melodieus en beheerst. Roffels en fills waren uitstekend en super strak, hij is een meester in het accentueren en hoe bedien je in vredesnaam met maar 4 ledematen zo ongelooflijk veel muziekinstrumenten in je eentje!
Gelukkig waren de laatste stukken wat ruiger van aard en over het algemeen heb ik toch ontzettend genoten. Keer op keer viel ik weer in verbazing hoe ontzettend knap Terry Bozzio (die vroeger overigens als drummer bij Frank Zappa speelde) is met zijn spel. Dit is échte topsport en dat bewees hij des temeer toen hij van zijn kruk afstapte. De zwarte broek van de beste man was doorweekt bij billen en knieholten. Dat zegt toch genoeg...

Het was bijzonder om hem eens te zien en te horen spelen en als bonus uiteraard een filmpje van dit bijzondere optreden. Het filmpje is een compilatie van verschillende stukken en zeker de moeite waard om helemaal te kijken en te luisteren. Als lijkt het makkelijk, geloof me, wat deze man doet is extreem knap!

Alle foto's van deze bijzondere avond zijn uiteraard terug te vinden in een speciaal Flickr album!


PS: Inmiddels heeft ook Slagwerkwereld melding gemaakt van het optreden van Terry Bozzio en mijn foto's en een citaat in de online editie verwerkt (met mijn toestemming uiteraard)! Bekijk hier het volledige artikel op Slagwerkwereld.com.




maandag 15 september 2008

"Oh... jij bent er ook nog? Nou pak jij dan maar een trommel..."

Toen ik net begon te drummen, reageerde mijn vader nogal verbaasd. "Drummen?" sprak hij toen met gefronste wenkbrauwen, "maar een drummer houdt zich toch altijd een beetje op de achtergrond en is eigenlijk het minst belangrijk van een band?" Waarop ik natuurlijk hevig verontwaardigd reageerde met iets als "Tsss, hoe kom je daar nou bij?!?". "Ja, ik heb bij een band altijd zoiets van, jij kan zingen dus jij gaat zingen, jij kan gitaar spelen dus hier heb je een gitaar oh dan hebben we hier nog iemand voor de basgitaar en nog een toetsenist en oh... jij bent er ook nog? Nou pak jij dan maar een trommel...".

Gedeeltelijk had hij gelijk, maar dan alleen het gedeelte van "maar een drummer houdt zich toch altijd een beetje op de achtergrond...". Voor de rest van zijn opmerkingen twijfelde ik aan zijn muzikale kennis of zijn ideeën daarover. Of zat hij me weer eens in de maling te nemen?

Het maakt niet uit, ik kwam namelijk in Slagwerkkrant 147 van september-oktober 2008 een column tegen die ik niemand en in het bijzonder mijn vader, niet wil onthouden. De volgende column werd geschreven door de trommelende tekstschrijver Maarten Hartog...


De baas

Wie is het hoofd van Nederland. De premier? Fout. Hij staat in de schijnwerpers, maar de Tweede Kamer is de baas. En wie is de baas van een orkest? De dirigent, de zanger, de gitarist? Mochten ze willen, de eigenlijke baas is de drummer. En dat is wetenschappelijk aan te tonen.

Spreek met je band een lied af van, zeg, vier coupletten. En weet je wat: spreek af dat het vierde couplet de gitaarsolo is. Maar vertraag aan het einde van couplet nummer drie onmiskenbaar en sluit dat couplet af met een fraaie finalefill. En meld dan vriendelijk: "Ach, ik vond de gitaarsolo bij nader inzien niet zo nodig."
Spectaculairder is het zogeheten Avondvierdaagseexperiment. Stel je verdekt op langs de feestelijke intocht, met een diepe tom. Als nu het fanfarekorps bijna is voorbijgetrokken, geef je twee maal stevige klappen, op de één en de drie. Vier tellen later staat het orkest stil, wat je priecies voldoende tijd geeft om hard de andere kant op te rennen, voordat de tambour-maître je ontdekt. Want wetenschappelijk onderzoek is niet altijd collegiaal, maar het resultaat is eenduidig: de drummer is de baas.

Nu is het fijn om je de leider te weten, maar onze positie brengt ook een grote verantwoordelijkheid met zich mee.
We speelden een popsong waarin we het refrein acht keer moesten herhalen. De modulatie daarna zou ik inleiden met een aanzwellende tombreak. De lampen brandden fel, de zaal was goed gevuld, het podiumgeluid een ramp en ik nog niet helemaal thuis in het liedje. We zaten op herhaling vijf, toch? De gitarist zwaaide de hals van zijn Fender. Ik grijnsde dankbaar terug (was het tóch zeven) en sloeg de overgang in. Maar hij verbleekte, zeker toen de rest van de band gedwee de nieuwe toonsoort inzette.

Weer wat geleerd: zelf blijven tellen. Want wij slagwerkers zijn de spelverdeler. Trommels zijn niet voor niets van oorsprong seininstrumenten, de drummer geeft het signaal voor noodzakelijke veranderingen. Maar wij zijn ruimhartig genoeg om anderen de eer te laten. De dirigent neemt het applaus in ontvangst, de zanger en de gitarist staan vooraan. Zij mogen de baas spélen.


Laat deze column van Maarten Hartog een duidelijk beeld schetsen en pa, knoop het in je oren ;-)


Bron: Slagwerkkrant nummer 147, september-oktober 2008
Columnist: Maarten Hartog